De Telegraaf
 
  Stukje ziel in iedere klok

Carl Stolk (49), uurwerkhersteller in Koog aan de Zaan

 
 
       Eigenlijk ben ik bij toeval in het vak gerold. Een vader van een vriend was klokkenmaker en ik vond zijn werk fascinerend. Om uurwerkhersteller te worden, heb ik eerst een jaar een praktijkopleiding gevolgd en toen ben ik vier jaar naar de horlogemakersvakschool in Hoorn gegaan. Als een van de laatste gezellen heb ik mezelf van onderaf omhooggewerkt. Eerst was ik bij bazen in dienst en nu werk ik al 24 jaar voor mezelf.
        Ik ben gespecialiseerd in het restaureren en repareren van alle soorten antieke klokken. Friese staartklokken, Friese stoelklokken, staande horloges, Westminster-klokken, pendules, comtoises, regulateurs. Ik moet zeggen dat het heel goed loopt en dat komt door de mond-tot-mondreclame. Ik werk met een vaste groep klanten die weten wat ze aan me hebben.
       In dit vak wordt namelijk ontzettend veel gerotzooid. Mensen geven hun kostbare klok aan een kennis of buurman en krijgen haar dan in nog slechtere staat terug. Uiteindelijk komen ze bij mij terecht en mag ik de schade herstellen. Maar dat vind ik geen probleem. Ondertussen gaat het zo goed dat ik soms met wachtlijsten moet werken. Er zijn ook nog maar weinig uurwerkherstellers en er is slechts één opleiding in Schoonhoven.




       Ik ben ervan overtuigd dat mijn beroep aan het uitsterven is. Ik zie het om me heen, maar ook bij mezelf. Ik heb geen opvolger voor mijn eenmanszaak. Dat is echt zonde, want dit is een prachtig beroep. Ik werk met mijn moderne apparatuur aan klokken die honderden jaren geleden bij het licht van een olielamp zijn gemaakt.
       Mensen hebben ook sterke emotionele banden met een klok. Vaak is het een huwelijksgeschenk of een erfstuk en zijn mensen dolblij als ik haar weer aan de praat krijg. Voor mij is het ook emotioneel. Iedere klok is als een kind van me waarin ik een stukje van mijn ziel stop.”
       



 


22 augustus 2004